
De oude Grieken hebben er lang hun hoofd over gebroken: hoe kun je iemand overhalen om te denken of te doen wat jij zegt? Plato zei dat een overtuigende boodschap bestaat uit drie noodzakelijke bestanddelen: logos, pathos en ethos. De rede, de emotie en het gezag. Alle goede reclamefilms bijvoorbeeld bevatten in meer of mindere mate stukjes van deze argumentatietactiek. Als je naar de Dreftspotjes door de eeuwen heen kijkt, zul je zien dat altijd een logisch voordeel gedemonstreerd wordt: een klein drupje voor veel afwas. Er is ook steeds: het emotionele argument: er wordt altijd een grapje in verwerkt, én er wordt gezag gebruikt. De doorgewinterde huisvrouw weet wat afwassen is en laat je delen in haar vakkennis. De formule van de overtuiging is: een redelijk deel logica, een flinke mate gevoel en een behoorlijke dosis autoriteit.