
Door actiever te gaan luisteren. Door levendige interesse en oprechte belangstelling te tonen bij het opnemen van informatie. Door vertellen en communiceren te stimuleren. Door anderen te laten uitpraten, niet onderbreken, ruimte en stilte creëren. Door samen te vatten, te toetsen en opheldering te vragen. Door op non-verbale signalen te reageren.