
Waar je minder goed in bent. Wat niet vanzelf gaat. Waar je aandacht aan moet besteden. Daar zal ook naar gepeild worden. En daar is niets mis mee, want iedereen heeft zwaktes. Alleen zijn het niet meteen de meest aantrekkelijke van je eigenschappen. Maak ze:
- Verleden. Als je over je mindere kanten uitweidt, houd het dan kort en plaats ze in het verleden. Dat je vroeger zo was en dat je ondertussen geleerd hebt om ermee om te gaan, ze uit de weg te gaan of ze op te lossen.
- Verbeterd. Je kunt ook op minpunten wijzen die je uitgeroeid hebt. En erbij vertellen hoe je dat aangepakt hebt en hoe je ook daar beter van bent geworden.
- Vermomd. Je kunt er ook voor kiezen om sterke kanten te vermommen als zwaktes in een extreme versie. Als je bijvoorbeeld goed georganiseerd bent, kun je zeggen dat je de dingen vaak zo grondig geregeld en voorbereid hebt, dat je moeite moet doen om ruimte te laten voor improvisatie en lastminutedingen.
- Versterkt. Je kunt ronduit bekennen dat je ergens niet goed in bent of dat je iets helemaal niet kunt. Kwetsbaarheid en onvolmaaktheid kenmerken ware menselijkheid. Het is niet aan te raden dat je dat met sleutel- of andere belangrijke vaardigheden doet die essentieel zijn voor het uitoefenen van de functie, maar een wolkje imperfectie kan soms het perfecte argument zijn.
,, Het is niet het omvallen wat het probleem is, maar het is het omvallen en het blijven liggen. — Liza Minelli