Hoe werk je beter door?

Hoe kan je beter doorwerken

Hoe kan je beter doorwerken?

Als je weet wat je wil doen en je hebt er tijd voor uitgeruimd, is het nog altijd niet zeker dat het ook zal lukken. Een huilend kind, een dringend telefoontje, een praatzieke collega. Het kan allemaal afleiden, hinderen tot zelfs verhinderen.

De vijf essentiële doorwerktechnieken:

1. Sluit de deur.

Een opendeurpolitiek is goed op kantoor als het niet nog belangrijker dingen in de weg staat. Trek de deur dicht. Hang een bordje met wanneer men wel kan binnenvallen. Zorg dat je beschikbaar bent op bepaalde tijden, maar ook dat je gewoon kan doorwerken.

2. Sluit je af.

Zet periodes in je agenda waarin je alleen kan werken zonder opduikende mails, mensen of telefoontjes. Zet die toestellen ook af. Voice mail aan, mailprogramma uit, indien voorradig secretaresse gesperd voor de deur. 

3. Stel je open.

Vergeet niet er voor te zorgen dat je op gezette tijden toch beschikbaar bent. Laat die momenten weten aan je omgeving. Spreek die momenten in op je voicemail. Kies 1 moment uit per dag waarop je je e-mails bekijkt en beantwoordt.

4. Spring over het blok.

Schrijvers- of beginnersblok is een toestand van onbeweeglijk- en ongeïnspireerdheid waarbij je je verlamd voelt en geen begin kunt maken. Bij het schrijven helpt het om niet de eerste, maar de tweede of de derde zin te gaan schrijven. Als je maar begint. Het hoeft niet volmaakt te zijn, laat staan goed, maar zet iets op papier of de pc. Bij een opdracht helpt het om er gewoon in de duiken en gewoon iets te beginnen doen, ook al weet je niet goed wat of hoe. 

5. Maak het af.

Het dop-op-de-tandpastatubetrauma. Het kost 1 seconde om het te doen en het spaart heel wat ellende uit. Berg het op, doe het weg, sluit het af. Het 30 secondenprincipe kan daar bij helpen. Besef dat de gemiddelde duur van uitvoering van kleine huishoudelijke taken 30 seconden bedraagt. 

  • 20 seconden om een jas op te hangen
  • 7 minuten om een hemd te strijken
  • 4 minuten om de kamer te stofzuigen

Toptip: Val je leesstapel met een schaar aan. Knip uit wat je echt wil lezen en gooi de rest weg. Stop vervolgens die artikels op plaatsen waar je verloren tijd hebt. In je jaszak om in de wachtkamer van de dokter te lezen. In de auto voor een onverwachte file. Op het toilet voor bij een lichte buikloop. Lees met een potlood of een pen. Duid dingen aan. Je onthoudt ze daardoor makkelijker en vindt ze moeiteloos terug als je ze nodig hebt. 

nl_BENL_BE