Het is de kracht om jezelf in beweging te zetten. Het is het vermogen om dat ook met anderen te doen. Je kunt het maken, leren en vermenigvuldigen. Het is een onmisbaar instrument in tijden van verandering. Van de mensen die we als hoog charismatisch zien, noemt 91 procent zichzelf ‘van nature timide, teruggetrokken en verlegen’. Het verschil met alle anderen is dat zij op een bepaald moment de beslissing genomen hebben om er iets aan te doen. Barack Obama, Lady Gaga, Bill Clinton, koningin Máxima, Winston Churchill, Nelson Mandela, Harry Windsor en paus Franciscus. Allemaal hebben ze op een bepaald punt besloten om de eerste stap te zetten en er werk van te maken. Omdat het henzelf helpt, omdat het anderen helpt en vooral omdat het werkt. Relaties aanknopen, herstellen en uitbouwen. De relatie met jezelf, maar vooral met anderen die je verder kunnen brengen dan waar je nu bent, naar waar je wilt zijn, naar wie je kunt zijn. Het vergt een kleine inspanning, maar het levert een groot resultaat op aan indruk, invloed en impact. In zijn Griekse oorsprong wordt charisma omschreven als ‘een toestand van genade’ en dat is het eigenlijk nog steeds. Maar niet een genade die verkregen, aangeboren of verleend is, maar genade die gewild is, gemaakt en gewonnen.